| Wat is het kapitalisme en hoe te bestrijden? |
Een jaar na zijn verkiezingssucces wordt de regering-Berlusconi op de proef gesteld door de Italiaanse arbeiders, die erg vastberaden zijn in de strijd tegen haar neoliberale hervormingen. De man die "overwinning na overwinning wegpikte" lijkt de tegenslagen op te stapelen: economische problemen, ontslag van ministers (o.a. van buitenlandse en binnenlandse zaken), en vooral de grote betogingen van de vakbonden tegen zijn antisociale plannen.
Na de mars van 3 miljoen in Rome en het succes van de algemene staking op 16 april (met 12 miljoen stakers, meer dan mei ’68 in Frankrijk!) heeft de regering-Berlusconi er niet beter op gevonden dan verdeeldheid te zaaien tussen de vakbonden.
Berlusconi wil de immense macht van de arbeiders, zoals die tot uitdruking kwam tijdens de algemene staking, ondermijnen. Terwijl de C.I.S.L. en U.I.L. (gematigde, kleinere vakbonden) aan het onderhandelen zijn met de regering over een zogenaamd "groot akkoord" tussen de sociale partners, lan-ceerde de C.G.I.L. (een grote, linkse vakbond) het ordewoord voor een algemene staking van 6 uur, van 20 juni tot 11 juli in verschillende regio’s.
Die stakingen waren, waar ze gehouden werden, een denderend succes - ook in de sectoren waar de C.G.I.L. in de minderheid was. Dat toont de bereidheid aan van de arbeiders om de strijd verder te zetten. Een strijd die nog heviger belooft te worden, met de beweging van de metaalarbeiders die wordt voorzien in de herfst.
De belofte om de integratie van wettelijke migranten de vergemakkelijken, vertaalde zich in een wet die vingerafdrukken oplegt aan niet EU-burgers, en het gebruik van de militaire zeemacht in de strijd tegen illegalen.
Als antwoord hierop organiseerden duizenden mensen sit-ins voor de politiekantoren, op initiatief van de vakbonden. Duizenden vingerafdrukken van Italianen en immigranten werden opgehaald en opgestuurd naar Berlusconi, als protest tegen de "vingerafdrukken van de schaamte".
Tegen die achtergrond weerspiegelt zijn verkiezingsnederlaag bij de gedeeltelijke verkiezingen van juni (in 10 van de 12 betrokken steden) het gevoel dat veel Italianen over Berlusconi hebben, hoewel het maar ging over 25% van het totaal aantal kiezers.
De staking van 16 april en nu de stakingen van de C.G.I.L. tonen de immense sociale kracht van de arbeiders aan. De antiglobaliseringsbeweging was een voorbode van een heropleving in de klassenstrijd. "Italië" is in die zin het model dat nu wordt gevolgd (de algemene staking in Spanje tijdens de top van de EU) en zal worden gevolgd in de rest van Europa.
Samen met de stakingen lanceerde de partij Refondazione Communista een handtekeningenactie om een referendum over artikel 18 (dat ontslagen zonder reden verbiedt) te organiseren, met als doel dit uit te breiden naar alle arbeiders (vandaag geldt dit enkel voor bedrijven met meer dan 15 werknemers).
Een echte uitkomst kan er slechts komen als de massa van arbeiders en jongeren zich verenigt in een partij die werkelijk hun eisen kracht kan bijzetten.
Dat kan niet door electorale verbanden op te zetten die geen perspectief bieden, zoals de RC jammer genoeg deed door bij de recente verkiezingen steun te verlenen aan een samenwerking tegen Berlusconi waarin ook neoliberale sociaal-democraten en ex-stalinisten vertegenwoordigd waren.
Gilles Lambert