Het verzet groeit - de zoektocht naar een alternatief is begonnen!

In het jongste anderhalf jaar zijn steeds meer jongeren en arbeiders op straat gekomen om hun ongenoegen en woede te uiten. In die beweging, die steeds meer een massabeweging wordt, groeien nieuwe ideeën en tonen socialistische opvattingen opnieuw hun actualiteitswaarde.

Kleinburgers (breed gezaaid in het medialandschap) zoals Yves Desmet (De Morgen) beweren dat de antiglobaliseringsbeweging zich niet mag vastpinnen op “oude en gediskrediteede linkse stokpaardjes” zoals de strijd tegen privatiseringen. Voor hem is immers het beste scenario dat de antiglobaliseringsbeweging blijft hangen in vage praatjes zoals “een andere wereld is mogelijk” en zich beperkt tot “interessante discussies” - met zelfverklaarde “andersglobalisten” zoals Verhofstadt - en handig lobbywerk voor een aantal schamele kruimels. Ook een groot deel van de zelfverklaarde leiding van de antiglobaliseringsbeweging denkt in termen van een dergelijk scenario.

De realiteit van de beweging is echter anders: steeds meer drukt de arbeidersklasse haar stempel erop en daar waar dat gebeurt, kan de antiglobaliseringsbeweging een reële massabeweging worden. Dit is wat het verschil maakt tussen de protesten in Götheborg en Brussel enerzijds en de massale acties in Genua en Barcelona/Sevilla. En ondertussen ontketenen de massa’s van Peru een opstand rond iets “oubolligs” als privatiseringen.

Wanneer we het systeem willen begrijpen - wat nodig is om het te bestrijden - moeten we de praatjes van verdedigers van het systeem (zoals Yves Desmet) ontmaskeren als lege frasen. We moeten de wereld analyseren, zien wat de problemen zijn, hun oorzaken en hoe we dat kunnen oplossen. We willen dit doen in dit speciale zomerdossier.

Hiertoe overlopen we de situatie van het VS-imperialisme, een supermacht met een nooit geziene economische en militaire dominantie, en bekijken we hoe dit systeem steeds weer tot oorlog leidt, zoals Lenin dat al stelde begin vorige eeuw.

We stellen de volgens ons foute (want niet doeltreffende) tactieken van guerillastrijd en terrorisme tegenover de massa-strijd van de arbeidersklasse en andere onderdrukte lagen.

We ontleden de redenen waarom extreem-rechts kan groeien en waarom we in de strijd tegen extreem-rechts een instrument nodig hebben dat de massa van de arbeidersklasse en jongeren terug de mogelijkheid biedt om op een collectieve manier strategieën te bespreken en het verzet te organiseren: een nieuwe arbeiderspartij.

Tot slot overlopen we wat onze visie op socialisme is. Wij willen niet terug naar de bureaucratische regimes in het Oostblok en de voormalige Sovjetunie, waarin de planeconomie vastliep op het gebrek aan arbeidersdemocratie. Wij willen integendeel een systeem waarin de betrokkenheid van de meerderheid van de bevolking totaal is en op alle vlakken werkzaam.

We hopen dat je dit dossier aandachtig zult lezen en dat je dezelfde conclusie zal trekken als ons: het is noodzakelijk je te organiseren, je voor te bereiden op de woelige tijden van massaprotest en de reactie van de burgerij die ons te wachten staan. Deze bewegingen moet je niet bekijken en becommentariëren vanuit je luie zetel, je moet er met beide voeten in staan indien je onderdeel wil zijn van de oplossing. Aan commentatoren vanaf de zijlijn heeft de beweging nog nooit behoefte gehad - aan mensen die bereid zijn in de beweging mee te vechten en samen met de massa’s door ervaringen te gaan waaruit socialistische conclusies kunnen worden getrokken des te meer. Als je dan ook nog eens wil helpen om dit proces te versnellen, dan zit er niets anders op dan je te organiseren in de LSP.

De jaren ’90 waren qua strijd gekenmerkt door veeleer lokale gevechten, one issue campagnes zoals rond milieu, racisme,... De antiglobaliseringsbeweging bracht al deze thema’s opnieuw samen in een breed geheel van kritiek op de kapitalistische samenleving.

Vooral jongeren waren aangetrokken tot deze beweging in haar eerste stadia. Dat is niet verwonderlijk: jongeren zijn een barometer voor wat leeft in de samenleving. Ze hebben minder beperkingen om hun ongenoegen te uiten en vormen op die manier een natuurlijke voorhoede voor de arbeidersklasse. Dat proces zagen we aan het werk bij alle grote opstanden van de arbeidersklasse: in mei ’68 werd de arbeidersopstand voorafgegaan door studentenprotesten, de gemiddelde leeftijd in de pre-revolutionaire bolsjewistische partij was 16,...

In Italië, Spanje, Argentinië, Peru,... is de beweging al een stadium verder: daar komt de arbeidersklasse in haar massa op straat met een duidelijk beeld waartegen ze vechten. De volgende stap is de uitwerking van een programma waar we voor staan. De beweging moet zich wapenen met een ernstig alternatief, dat niet geboden zal worden door de veelal klein-burgerlijke leiders van de anti-globaliseringsbeweging, noch van de verburgerlijkte sociaal-democratische ex-arbeiderspartijen, noch van de huidige leiding van de vakbonden die zich een plaats hebben verworven in het staatsapparaat.

Het uitwerken van een programma dat objectief de belangen verdedigt van de arbeidersklasse en andere onderdrukte lagen in de samenleving zal geleidelijk aan gebeuren in de strijd zelf, waarin de arbeidersklasse lessen kan trekken uit zowel tijdelijke overwinningen als tijdelijke nederlagen.

Dit proces kan enorm versneld worden indien reeds een begrip aanwezig is van de reeds opgestapelde ervaringen van de arbeidersklasse in het verleden. LSP wil die opgestapelde ervaringen en de lessen eruit - getheoretiseerd in het marxisme - gemeengoed maken voor de jeugd en de arbeidersklasse. Organiseer je en vorm jezelf: sluit aan bij LSP.

Anja Deschoemacker