“Schaarste op markt jaagt prijzen de hoogte in, wachtlijsten zijn lang.” “Geen huurhuis meer vrij in Gent.” Deze titels uit dagbladen schetsen het huisvestingsprobleem in Gent. Het paarse stadsbestuur in Gent heeft enkele maanden geleden een prestigeproject gelanceerd voor een wijk uit de 19e euwse gordel, de Brugse Poort. Een project dat 500 miljoen BEF zal kosten moet de leefbaarheid van de wijk verbeteren. Maar in de plaats van echt te investeren zal het enkel een opkuisoperatie worden waarvan de armste lagen het slachtoffer zullen worden.
Gent wordt geconfronteerd met een groot huisvestingsprobleem. Een probleem dat zich ook op nationaal en Vlaams niveau situeert. Vlaanderen telt ongeveer een 120.000 sociale woningen wat neerkomt op 6% van de totale woningmarkt. In de ons omringende landen is het aandeel van sociale woningen gemiddeld 20%. Vooral in de grote steden leidt dit tot een enorme schaarste op de woningmarkt. Gezinnen met lagere inkomens worden verplicht om op de privé-markt een huurwoning te zoeken. Deze situatie heeft ertoe geleid dat op anderhalf jaar tijd de prijzen op de huurmarkt met 20% gestegen zijn. (Laatste Nieuws, 6 sept. 2002). Welke de kwaliteit ook is van de woningen, het nijpend tekort zorgt ervoor dat mensen ze wel huren. Het project “zuurstof in de Brugse Poort” wordt stellig verdedigd met het argument dat men met dit project de woonkwaliteit in de wijk zal verbeteren. Niet door een massale ingreep door de overheid, neen “het project moet een enorme impuls geven zodat de verspreide verkrotting in de wijk wordt aangepakt door privaat initiatief” (gemeenteraadsbesluit, p.4).
In deze context is de sloop van 89 woningen in de Brugse Poort een bedenkelijke manier om de huisvestingsproblematiek aan te pakken. Tenzij men er natuurlijk van uitgaat dat de woonkwaliteit in de buurt drastisch zal verbeteren, hogere inkomens in de wijk zullen komen om huizen op te kopen en te renoveren. Misschien kan dit een effect zijn, onwaarschijnlijk bij deze ingreep. Maar dan gaat men er gewoon van uit dat de armere lagen maar ergens anders hun plan moeten trekken en andere oorden moeten opzoeken, want een woning in de Brugse Poort zal voor hen financieel niet meer haalbaar zijn. Ze kunnen misschien verhuizen naar Ledeberg, waar sinds enkele jaren het gemiddeld inkomen van de bewoners het laagst ligt van heel Gent. Tot het moment dat het stadsbestuur haar plannen realiseert voor Ledeberg, waar het installeren van een park naast de Ledebergmarkt een “structureel en integrale aanpak” zal zijn van de verloedering van deze wijk. Op deze manier verschuift men het probleem telkens, maar met serieuze gevolgen voor de de armste lagen. Die worden als opgejaagd wild doorheen de stad weggejaagd om telkens met hogere huurprijzen geconfronteerd te worden. Een algemene verhoging van de kostprijs van wonen is dan ook het resultaat hiervan. De hoge huurprijzen zijn ook de eerste reden voor de stijgende armoede in Vlaanderen. Wanneer op deze manier wordt verdergegaan belandt men in situaties zoals in een aantal grote Europese steden als Londen waar 50 % van een inkomen voor huisvesting niet de uitzondering maar de regel is.
Er wordt op nationaal vlak en op lokaal vlak geen enkel initiatief genomen op de woningmarkt structureel aan te pakken. De Vlaamse regering had in haar regeerakkoord ’99-2004, de bouw van 15.000 sociale woningen opgenomen. Bij de besprekingen van de Vlaamse begroting 2003 worden extra middelen geboden aan minister Gabriëls om deze ook te realiseren. Tegelijkertijd worden de budgetten voor renovatiepremies (30 miljoen euro per jaar) herleid tot 0. Om het aantal sociale woningen te verdubblen van 6% naar 12% of van 120.000 naar 240.000 zal men aan dit tempo (15.000 nieuwe wonigen per legislatuur van 5 jaar) 40 jaar nodig hebben. Indien de Vlaams regering slechts op 12.000 nieuwe woningen uitkomt, wat zeer waarschijnlijk is, zal het aan dit tempo 50 jaar nodig hebben om de achterstand op de ons omringende landen te halveren.
Welke oplossingen zijn er dan voor handen? Volgens ons is de beste manier om druk te zetten op de privé-woningmarkt het uitbouwen van een degelijke openbaar bestand van sociale woningen. Geen doodse vierkante blokken met appartementen, maar degelijke woningen verspreid over de stad. Massale investeringen op dit niveau zouden een direct effect hebben op de kwaliteit en de prijzen op de privé-markt. Hiervoor moeten natuurlijk de nodige middelen aangewend worden. Daarnaast kan via renovatieprojecten stimulansen gegeven worden aan eigenaars om hun huizen te onderhouden, te verbeteren en de voorzieningen in orde te brengen.
Deze vormen in feite een voorwaarde om nog maar te kunnen spreken over ruimtelijke ingrepen die geen nadelig effect hebben op de betrokkenen en omwonenden. Dus ons besluit is dan ook dat massale investeringen dienen te gebeuren op vlak van sociale woningbouw. Ondertussen zou een project voor een wijk als de Brugse Poort, waar 300 miljoen BEF zal worden gebruikt voor onteigeningen en afbraak, anders kunnen worden aangewend. Aangezien de Vlaamse overheid de renovatiepremies vanaf 2003 schrapt zou het Gents stadsbestuur 100 van de 300 miljoen kunnen aanwenden in projecten van renovatie van woningen. 100 miljoen zou op lange termijn kunnen worden geïnvesteerd in het tewerkstellen van 10 werklozen uit de wijk en dit voor een termijn van 10 jaar in jobs voor de wijk: groenwerkers om de bestaande parken beter te onderhouden, monitoren voor speelpleinwerking, parkwerking, tienerwerking, sportactiviteiten, ... De andere 100 miljoen zou men kunnen investeren in een verder uitbreiding van de diensten in de wijk, crèches, gebruik van leegstaande schoolgebouwen, bibliotheken, taalcursussen voor anderstaligen, ...
Op de gemeenteraad van 24 september werd het project definitief goedgekeurd. De oppositiepartijen CD&V en Agalev stelden pro forma nog een aantal vragen maar keurden uiteindelijk het plan mee goed. Enkel het VB stemde tegen. Deze partij zal ons echter niet versterken in onze strijd. Door hun racistische haat verdelen ze de getroffen bevolking. Een echte linkse oppositie zou in de gemeenteraad de eisen van de bewoners kunnen ondersteunen en van een platform kunnen gebruik maken om de Gentse bevolking om steun te vragen. Dit is de uitdaging waar we voor staan, zo’n oppositie uitbouwen.
Bart Vandersteene