Duitsland na de verkiezingen. Een nieuwe arbeiderspartij opbouwen.

Ondanks het stemmenverlies van de SPD (sociaal-democraten) kon de rood-groene regering hun meerderheid op het laatste moment behouden. De PDS (ex-communisten) kon van de algemene afkeer t.o.v. de gevestigde partijen niet profiteren. Met een stemmenverlies van 600.000 stemmen zijn ze de grootste verliezers van de verkiezingen. De Groenen zijn de zogenaamde winnaars.

De opkomst was 80%, maar toch heeft de afkeer van de arbeidersklasse en jongeren t.o.v het politieke establishment een nooit geziene hoogte bereikt. In 1998 hoopte de bevolking door de verkiezing van Schröder een einde te maken aan 16 jaar conservatief Kohl-beleid. Maar vandaag zijn velen het eens dat er in de praktijk geen groot verschil is. 80% zeggen dat noch Schröder noch Stoiber (kandidaat voor de conservatieve CDU/CSU) in staat zijn om de fundamentele problemen in de samenleving op te lossen.

In de korte tijd van 4 jaar heeft de Roodgroene regering meer aanvallen op de levensstandaard doorgevoerd dan mogelijk was onder Kohl. Samen met de corruptie binnen de regeringspartijen zorgde dit ervoor dat de CDU/CSU, zelfs na de crisis over illegale partijfinanciering, in de opniepeiling lange tijd voorop lag. Het was pas na de overstromingen en het gevaar op oorlog tegen Irak dat er een keerpunt kwam. Schröder was in staat om zichzelf als de ‘Macher’ (degene die de zaken snel en kordaat aanpakt) te profileren. In de kwestie van de oorlogsdreiging gebruikte Schröder pacifistische retoriek. Dit was tactisch gezien belangrijk want 80% van de Duitse bevolking is tegen een aanval op Irak. Dat de Duitse burgerij en de regering geen tegenstanders zijn van oorlog werd duidelijk door de deelname van het Duitse leger aan de oorlog in Kosovo en Afghanistan. Ze willen zelfs de leiding overnemen van de internationale troepenmacht in Afghanistan om Bush de mogelijkheid te geven zich te kunnen concentreren op Irak.

Zijn de verkiezingen een nederlaag voor linkse en socialistische ideeën?

De PDS behaalde de 5% kiesdrempel niet waardoor ze niet meer als fractie in de Bundestag zetelt. Dit is een nederlaag voor de Duitse arbeidersklasse. Het verlies van 600.000 stemmen was geen afstraffing van een socialitische politiek maar eerder een uiting van de afwezigheid ervan. De PDS heeft haar stemmen vooral in Oost-Duitsland en in Berlijn verloren, waar ze een massabasis hebben. Daar zit ze in de regering van deelstaten en steden. Deze positie heeft ze niet gebruikt om protest tegen besparingen op straat te organiseren, maar om de besparingen zelf voor te stellen of gedwee mee uit te voeren. Andere redenen voor het stemmenverlies was de anti-oorlogs retoriek van de SPD wat een thema was dat in het verleden enkel door de PDS werd gebruikt. Dat Gregor Gysi (het meest populaire lid van de PDS) wegens corruptie moest aftreden heeft zwaar doorgewogen. 300.000 van de 600.000 verloren stemmen kwamen van mensen die niet meer gingen stemmen. Dat linkse ideeën wel succes kunnen vinden wordt duidelijk door de winst van één van de Groenen in Berlijn, Ströbele. Hij is één van de enige Groenen die in oppositie staat tegenover de leiding en zichzelf als sociaal en als socialist bestempeld. Eén van zijn slogans in de verkiezingscampagne was: “Ströbele wählen, heisst Fischer quälen” ( kiezen voor Ströbele betekent Fischer kwellen ). Hij won de meeste stemmen van alle kandidaten in zijn kiesdistrict.

De Groenen

Nadat de Groenen bij alle lokale en regionale verkiezingen in de afgelopen 4 jaren verloren blijken ze nu de enige winnaars te zijn. Ze hebben 12% van de stemmen bij jongeren behaald en gemiddeld 8,6%. De belangrijkste reden voor de heropstanding van de Groenen is niet het enthousiasme over de Groene regeringspolitiek maar het gebrek aan een alternatief ter linkerzijde. De Groenen hebben veel stemmen van de voegere SPD-kiezers gewonnen. Op basis van ontevredenheid met de politiek van de SPD en de wil om Stoiber af te stoppen hebben ze uit tactische redenen voor de Groenen gekozen. Ze beschouwden hen als het ‘minste kwaad’. Zolang er geen nieuwe arbeiderspartij met een consequent anti-kapitalistisch programma bestaat kunnen partijen die bewusteloos op de grond lagen opnieuw heropleven, want slechts 20% van de kiezers geven aan vast voor één partij te stemmen. De rest voelt zich niet echt verbonden met en dus ook niet vertegenwoordigd door één bepaalde partij.

Anders dan in andere Europese landen konden in Duitsland de rechts-populistische en neo-fascistische partijen niet profiteren van deze situatie. Dat is vooral omdat Stoiber door zijn reactionaire en racistische standpunten in staat was om het rechtse stemmenpotentieel bij de CDU/CSU te houden. Bij gebrek aan een alternatief ter linkerzijde blijft het potentieel voor een rechts-populistische kracht bestaan.

De echte verliezers van de verkiezingen zijn de arbeidersklasse en de jeugd. De economische realiteit ziet er niet goed uit voor Duitsland. De werkloosheid zal verder stijgen. De enigste oplossing die de regering klaar heeft is een aanval op de werklozen. Alleenstaande werklozen zullen iedere job moeten aannemen ook wanneer deze aan de andere kant van het land is, anders verlies je je uitkering. Ook aanvallen op de gezondheidszorg en het onderwijs staan op de agenda. Wanneer vandaag de vakbondsleiding eisen formuleert is ze in de praktijk bereid om deze regering te ondersteunen. Dat kan enkel en alleen leiden tot een confrontatie met de basis. Het geduld zal sneller ten einde zijn als 4 jaar geleden. Massale protesten maken meer kans want het krediet van Roodgroen van 1998 is reeds lang opgebruikt.

Onze kandidaten

SAV (Sozialistische Alternative), de zusterpartij van LSP/MAS stond zeven directkandidaten. In Duitsland kunnen de mensen twee stemmen uitbrengen. Eén stem voor een kandidaat uit het district, waarbij de kandiaat met de meeste stemmen direct verkozen is. Een tweede stem voor een partij, waarbij de kiesdrempel van 5% nationaal geldt en de zetels proportioneel worden verdeeld. Onze deelname had een symbolisch karakter. We hebben vooral de noodzaak aan een arbeiderspartij en de noodzaak om zelf actief te worden naar voor gebracht. Desondanks behaalden onze kanidaten in Aachen, Keulen, Hamburg, Stuttgart, Bremen, Rostock en Berlijn 2.192 stemmen. In 1998 haalden we ongeveer 700 stemmen met 4 kandidaten.


Tania Niemeier,
LSP-Gent