Op 7 maart betoogden 3.000 dokwerkers in Brussel tegen de afschaffing van de wet-Major. Kort samengevat betekent die wet dat dokwerkers worden beschermd en dat enkel geregistreerde dokwerkers worden toegelaten in de havenarbeid.
Vandaag spreken de reders (het havenpatronaat) over een noodzakelijke liberalisering. Wat zou dat kunnen betekenen? De wet-Major, die de havenarbeiders reeds een lange periode beschermt en ook een inkomensgarantie betekent, wordt wellicht vervangen door het invoegen van interim-contracten in het havenbedrijf. Dit is broodroof!
Met het “liberaliseren” van het statuut van de dokwerkers zou ieder bedrijf eigen dokwerkers kunnen inzetten om te laden en te lossen. Hierdoor kan men havenarbeiders aantrekken die bereid zijn om voor een hongerloon te werken.
Waarom wil het havenpatronaat liberaliseren?
De gemeentelijke overheid in Antwerpen stond een tijd geleden in voor het organiseren van de havenstructuur en leverde de haven noodzakelijke diensten, zoals baggerboten, elektriciteitsvoorziening...
Stad Antwerpen zorgde zo voor een belangrijke investering in het havenbedrijf, dat er vandaag grote winsten uitslaat. Tegelijkertijd bouwde er zich in Antwerpen een serieuze schuldenberg op, wat betekende dat er meer druk kwam om verschillende delen van het havenbedrijf te privatiseren.
Vandaag deelt het autonoom gemeentelijk bedrijf, het Autonoom Havenbedrijf, de lakens uit… met bepaalde resultaten. De recente CAO bij het Havenbedrijf was alleszins interessanter dan die die de stad kon bieden. Het betekende een opslag van 1500 frank per maand netto, met mogelijkheid voor maaltijdcheques en de verhoging van het eindejaars- en vakantiegeld .
“Nu de periode van autonomiseren voltooid is, moet men gaan liberaliseren”, zegt het havenpatronaat. Autonomisering en liberalisering zijn dus nauw met elkaar verbonden. Het havenbedrijf moet concurreren met allerhande privé-firma’s in de haven. Liberaliseren betekent dat je mindere diensten levert voor een zeer lage prijs. Het spreekt voor zich dat met de liberalisering het sociale aspect, het onderhoud, de degelijke infrastructuur, de binding tussen haven en stad, … naar de achtergrond dreigt te verdwijnen.
Voor de reders betekent vooral het inzetten van de scheepsbemanning, in de plaats van dokwerkers, een grote kostenbesparing. Interimmers kosten veel minder dan dokwerkers. Deze laatsten hebben door harde syndicale strijd een goed sociaal statuut afgedwongen, waarbij ze een uitkering kregen op dagen dat er geen werk is. De afschaffing van de wet-Major betekent dat de werkloosheidsuitbetaling uit een kas komt die zou worden gespijsd door het havenpatronaat zelf!!!
De Linkse Socialistische Partij (LSP) steunt de acties van de dokwerkers tegen de afschaffing van de wet-Major en de liberalisering van het Havenbedrijf. Tegelijkertijd leggen we de nadruk op een verbetering van het statuut van de havenarbeiders door de rederijen onder staatscontrole te brengen, onder een democratisch beheer van de arbeiders zelf, in het kader van de strijd voor een andere, socialistische maatschappij.
Micha Teller