Cockerill: Hoe onze jobs verdedigen?

12 maart betoogden in Luik 50.000 mensen tegen de sluiting van de hoogovens van Cockerill Luik, een sluiting die beslist werd door de leiding van Arcelor. Het was de grootste arbeidersbetoging sinds de algemene staking van 1961! Verschillende arbeiders uit andere sectoren legden het werk neer voor de manifestatie. Ook waren er solidariteitsdelegaties van staalarbeiders van Arcelor Frankrijk, Duitse staalarbeiders, Belgische dokwerkers,...

De betoging straalde een gevoel van kracht en tegelijkertijd machteloosheid uit. De kracht van het aantal, maar de machteloosheid van de politieke leiding. De arbeiders van Cockerill volgen hun syndicale delegees, die de syndicale secretarissen volgen, die op hun beurt de lokale politici achterna lopen.

Niet dat de arbeiders vertrouwen koesteren in de traditionele politiek (de speech van de politieke verantwoordelijken op het einde van de betoging werd uitgefloten). Door het gebrek aan een politiek alternatief volgen de arbeiders met een zeker wantrouwen. LSP/MAS verspreidde een pamflet waarin we de nationalisatie van Cockerill eisen, zonder vergoeding voor Arcelor en onder controle van de arbeiders.

Het pamflet werd met enthousiasme onthaald door veel arbeiders, die genoeg hebben van lange bedevaarten onder de naam “betoging” en die de echte strijd willen aangaan. Onze eis leek ambitieus en moeilijk haalbaar. Nochtans is het de enige realistische eis die de tewerkstelling zou kunnen redden. De directie van Arcelor trekt de beslissing niet in, aangezien voor hen enkel de winst telt. De regionale politici tonen zich onmachtig om een overnemer te vinden. De verantwoordelijken voor de Waalse regio zijn niet in staat om de staalarbeiders te leiden.

We hebben dit ook gezien bij Forges de Clabecq. Maar de arbeiders (gekwalificeerde arbeiders, technici, werknemers), die hun job kennen van A tot Z, kunnen een directiecollectief vormen. Dat sluit de mobilisatie van alle arbeiders van Cockerill in, het opzetten van waakzaamheidscomité’s onder arbeiderscontrole (1 vertegenwoordiger per atelier en per ploeg) die de ogen en oren vormen van alle arbeiders in het bedrijf. Om een duidelijk zicht te hebben op de boekhouding moet ook het bankgeheim worden opgeheven. Zulke maatregelen zullen nooit worden aanvaard door de patronale wereld en de paarsgroene regering: het druist in tegen hun winstbeleid. Maar zonder deze eis zal uiteindelijk alles verloren gaan: de hoogovens, het bedrijf, de werkplaatsen bij de onderaannemingen en de diensten.

Guy Van Sinoy