De werkloosheidcijfers voor 2002 zijn hallucinant. De sociaal minst beschermden worden het hardst getroffen. Volgens de Nationale Bank steeg de jongerenwerkloosheid in januari tot 19,2%! De massale faillissementen sluipen in de cijfers. In de aanloop naar de verkiezingen voelen de politici de hete adem van de sociale malaise in hun nek.
De werkloosheid in november steeg op 1 jaar met 10%, voornamelijk in Vlaanderen, en bedroeg vorige maand 11,9%. Het ziet er ook niet naar uit dat de economie zich snel zal herpakken. Bedrijven bouwen hun productiecapaciteit af en de gezinnen beginnen terug massaal te sparen. Meer en meer wordt arbeiders en jongeren wereldwijd gevraagd, in afwachting van "een komende heropleving", de broeksriem aan te spannen. Terwijl het bedrijfssluitingen regent, wordt in de industrie per honderd frank geïnvesteerd kapitaal 21% winst geboekt.
Jongeren voornaamste slachtoffer
Steeds meer schoolverlaters vinden geen werk. Als ze al iets vinden is het vaak een tijdelijke nepjob. Dat geldt ook vaker voor hoog opgeleiden. In Wallonië is de situatie het schrijnendst. In regio's als Thuin, Charleroi en Mons belandt meer dan 30 procent van de schoolverlaters in de werkloosheid, in Charleroi zelfs 43% van alle vrouwelijke schoolverlaters! In januari steeg in Vlaanderen het aantal werkzoekende jongeren op jaarbasis met 17% tot 51.772 en het totaal aantal werklozen met 13,1% tot 150.097. Van de 140.000 jongeren die in België jaarlijks op de arbeidsmarkt terechtkomen is een derde minstens voor een jaar werkloos!
De regering en zeker de SP.a, die zegt op de links-populistische kar te willen springen, kan de recente werkloosheidcijfers wel missen als kiespijn, zeker net voor de verkiezingen. De klassieke oplossingen blijven echter: nepjobs voor werklozen en jongeren, lastenverlaging, loonmatiging,... Zo is er de 'Jobkaart' van sp.a-minister Landuyt. Schoolverlaters die na 6 maanden nog geen job gevonden hebben, worden verplicht een sollicitatietraining of een opleiding te volgen, waarna ze een kaart krijgen die een job zou garanderen. PS-minister Onckelinx bedacht een derde Rosettaplan. Een schoolverlater moet normaal 9 maanden wachten om recht te hebben op een uitkering. Met het nieuwe Rosettaplan krijgt de jongere onmiddellijk een uitkering als hij/zij een vorming in een bedrijf aanvaardt.
Deze 2 maatregelen lijken voordelig voor de jongeren, maar komen in feite neer op het leveren van goedkope arbeidskrachten. Net zoals eerder goedkope PWA'ers geleverd werden om de oliesmurrie aan de kust op te ruimen.
Het plan-Landuyt voorziet een korting tot 50% op de loonkost voor een bedrijf dat een jongere met een jobkaart aanwerft. Voor Onckelinx zou de regering en dus de belastingbetaler - het verschil tussen loon en werkloosheidsuitkering moeten bijpassen aan de patroon die de vorming aanbiedt.
Voor de jongere betekent het een job met een laag loon, flexibele arbeidsvoorwaarden en dat hij niet als volwaardige arbeidskracht wordt beschouwd. De patroon kan de jongere gebruiken om de lonen en arbeidsvoorwaarden te drukken voor alle arbeiders.
Regering bereidt aanval voor
De patroons en de regering stellen dat de werknemers hun looneisen moeten opbergen, want hun koopkracht zou stijgen door de belastingshervorming. Het ACV berekende echter dat die verlaging, tenietgedaan door hogere gemeentebelastingen, de werknemers in 2004 niet meer dan 50 euro per jaar zou opleveren. En het zopas afgesloten loonakkoord biedt, met aftrek van de loon-indexering, amper loonsverhoging, met alle gevolgen voor de koopkracht van de arbeiders en hun gezinnen.
Emiel Nachtegael
| Een volgende regering, paarsgroen of niet, zal de aanvallen op de sociale verworvenheden opvoeren. Nu al kondigen de OESO en de patroonsfederaties hun verlanglijstje aan. UNIZO wil meer flexibiliteit en een langere werkweek. Ook de loonsindexering staat ter discussie. De volgende regering zal verder besparen op sociale uitgaven en nog meer lastenverlagingen aan de bedrijven doorvoeren. De vakbonden moeten deze aanvallen afslaan en strijden voor concrete eisen voor het behoud van de tewerkstelling en de sociale verworvenheden. Een eis zoals de invoering van een 32-urenweek met bijkomende aanwervingen en behoud van loon zonder flexibiliteit, zou een deel van de oplossing kunnen bieden. |