Carnoy:

"Ik word gedwongen om geld te vragen - ik wil eigenlijk mijn job terug!"

Op maandag 13 maart werd onder grote belangstelling (arbeiders van Carnoy, delegees van andere bedrijven en een heel pak sympathisanten) de pleidooien voor de Gentse arbeidsrechtbank ten gronde gehouden in de zaak van het onwettelijke ontslag van Raf Verbeke als delegee bij de NV Carnoy. De onwettelijke afdanking van Raf, die deze zomer in een harde strijd door de Carnoy-arbeiders werd bestreden, kon niet ongedaan worden gemaakt, voornamelijk omwille van het verraad van de vakbonds-bureaucratie die weigerde de solidariteit te organiseren. Deze afdanking, die voor de patroon een middel was om de strijdvaardige delegatie bij de NV Carnoy een mokerslag toe te brengen, werd ondertussen gevolgd door het verdere ontslag van 41 arbeiders en 6 bedienden, waaronder opnieuw 6 be-schermden. De eis van Rafs advocaat in deze zaak, met name de schadeloosstelling, zoals deze door de burgerlijke wetgeving wordt voorzien en wat in het geval van Raf neer-komt op de uitbetaling van iets meer dan 3 miljoen frank bruto, werd absoluut niet ge-contesteerd door het advocatenbureau, dat werd ingehuurd door de firma Carnoy. Nochtans is het advocatenbureau niet van de minste op het gebied van de sociale jurisprudentie: het wordt geleid door een professor sociaal recht aan de RUG van sociaal-democratische strekking. Dat dit geen alleenstaand geval is werd bewezen in het proces van een andere ont-slagen delegee (Eddie Pagnon, wiens pro-ces tegen Sommer-Allibert voorkomt op 26 mei). De belangen van diens patroon wer-den verdedigd door een advocaat die in het verleden SP-kandidaat was en het als zijn plicht ervoer om zich op 1 mei tot de arbeiders te richten. En toch wordt door "Progressief Gent" opgeroepen om bij de komende gemeente-raadsverkiezingen deze "zeer sociale" mensen opnieuw aan zet te krijgen via de creatie van een volgens hen offensieve lijst. Niemand zal betwisten dat een lijst met deze mensen offensief is, de vraag rijst al-leen: offensief tegen wie? Na de snel afgehandelde pleidooien op de arbeidsrechtbank, werd het punt van hoe de strijd aangaan tegen het onwette-lijke ontslag van delegees aangekaart op een inderhaast bijeengeroepen vergade-ring in het lokale ACOD-gebouw. De top-man van het ABVV-Scheldeland kwam er voorleggen welke batterij maatregelen er reeds overwogen waren door de top van het ABVV-apparaat. Als eerste van de maatregelen kwam naar voren dat er via parlementaire weg moest geprobeerd worden de bestaande wet te wijzigen. Nochtans ontkrachtte hij dit terstond door te vermelden dat de patroons tevens hun eisen zou stellen bij een voor-stel tot wetswijziging en dat bijgevolg de kans op een wetswijziging in de positieve zin voor de arbeidersklasse praktisch on-bestaande was. Waarom riepen deze zelfde lieden bij de betoging in augustus (naar aanleiding van Rafs ontslag) dan op om alle inspanningen op de wetgevende/parlementaire weg te focussen? Wanneer vanuit de arbeiders van Carnoy de eis naar voor werd gebracht voor het lanceren een gewestelijke 24-uren staking, waardoor het patronaat effectief onder druk kon worden gezet, werd deze met alle mogelijke middelen van bovenaf getorpedeerd. De centrale vraag, die dient gesteld te worden is: welke vakbond willen wij? De vakbond dient te bestaan om de belangen van de arbeiders te verdedigen in haar con-tinue strijd tegen het kapitaal. De vakbond dient niet te bestaan om de leden, die het meest voor de rechten van de arbeiders-klasse opkomen, uit te sluiten. In dit licht is het maar de normaalste zaak van de wereld dat de vakbond met alle mo-gelijke middelen tegen de ontwettelijke ont-slagen van haar delegees vecht en daarvoor haar echte macht gebruikt: mobilisatie van de arbeiders. De sterkte van de arbeiders-beweging ligt in haar massa-karakter. Als men het echte gevecht wil aangaan, is mas-sastrijd het enige adequate middel, niet de parlemenatire weg. Om de strijd tevens ver-der op het politieke vlak te ondersteunen is vandaag de opbouw van een echt links alternatief nodig.

Wim Cardoen 1