Militant Links zomerkamp in Spanje

In de geschiedenislessen wordt de Spaanse revolutie meestal in de marge vermeld als een burgeroorlog onder de Spanjaarden. Als je tegen een doorsnee Spanjaard over de jaren 1936-39 begint, raak je een gevoelige snaar en is het gesprek meestal vlug afgelopen.

Net zoals in Frankrijk was er in februari ’36 een Volksfront-regering van communisten, socialis-ten en republikeinen aan de macht gekomen. Deze voerde een bescheiden sociale politiek met landhervormingen, ze was anti-klerikaal en botste bijgevolg tegen het economisch machts-blok van kerk, grondbezit en ka-pitaal. Deze laatsten keerden zich tegen de republiek en schaarden zich achter de militai-re staatsgreep van Franco. De volksfrontregering wou het nog op een akkoordje gooien met de opstandelingen. Maar deze hadden definitief besloten de ruggegraat van de arbeidersbeweging te breken. "Spanje is een zaak van de Spanjaarden" klonk het en men liet Hitler en Mussolini het vuile werk opknappen. Het verzet kwam in eerste instan-tie van de arbeiders zelf die los van de regering de wapens na-men, milities vormden, de fascis-ten verdreven en de economie collectiviseerden. De Spaanse revolutie was in een stroomver-snelling gekomen.

Ze werd voornamelijk geleid door de socialistische vakbond UGT, de anarchistische vakbond CNT en de POUM (een afsplitsing van Trotsky’s vierde internationale). De republiek ronselde een inter-nationaal vrijwilligersleger, de internationale brigades en kreeg militaire assistentie van Moskou.

Maar Stalin wou de kapitalistische mogendheden niet voor het hoofd stoten. De milities werden opgedoekt, de collectiviseringen ongedaan gemaakt, de revolutionaire leiders gevangen gezet en vermoord. "De revolutie is voor later", klonk het, "eerst samen met de burgerij het fascisme verslaan". Maar die burgerij had toen al lang de republiek de rug toegekeerd en stond aan de kant van Franco. De volksfront-politiek verzwak-te de arbeidersklasse zodanig dat Franco in 1939, na drie jaar bloedige oorlog, Barcelona en Madrid binnen marcheerde. Hit-ler had nu genoeg geoefend, Wereldoorlog Twee kon begin-nen.

Omdat de arbeidersklasse uit deze historische erva-ring haar lessen moet trekken en omdat tal van linkse partijen dezelfde fouten vandaag herhalen, denken we maar aan initiatieven als Progressief Gent of de recente koers van Izquierda Unida in Spanje, willen wij deze geschiedenis doen herleven. En hoe kan dat beter dan ter plekke zelf?

Van 29 juli tot 7 augustus trek-ken we naar het Aragón front, bezoeken we Zaragoza, het Ebro-front en Barcelona. Op de snikhete ruïnes van Belchite staan we even in de schoenen van een brigadist en op de Ram-blas in Barcelona herrijzen (voorlopig nog in onze fantasie) de barricades. Naast politiek en geschiedenis is er natuurlijk veel ruimte voor cultuur (o.a. het Dalí-Museum), natuur, ontspanning en amusement. We rijden met minibusjes en kamperen. De prijs (vervoer, campings, maal-tijden en entrees inbegrepen) hebben we beperkt tot 10.000fr. (weklozen, jongeren) of 12.000 fr. (voor werkenden). Laat deze zomer Torremolinos en Benidorm dus maar links liggen en ga mee naar het Spanje van de Spaanse revolutie.

Kristof Bruyland


Inschrijven of onze brochure voor deze reis bestellen, kan via het secretariaat (09/232 13 94) of via Kristof Bruyland (09/227 04 57) én het betalen van voorschotten op rekn. 035-3391173-94 (voor spaarplan zie onze brochure). 1