Europese Jongerenbijeenkomst van het CWI:

Hoe inspelen op de nieuwe radicalisering?

Eind februari kwamen een 70-tal jongeren van het CWI (de internationale organisatie waartoe Militant Links behoort) uit heel Europa samen om te discussiëren over de politieke situatie, jongerencampagnes die de CWI-afdelingen voeren, de lessen die we eruit kunnen trekken,... Op dit ogenblik zien we het begin van een nieuwe radicalisering. De kloof tussen rijk en arm is nog nooit zo groot geweest wat een effect heeft op het bewustzijn. De eerste gevolgen daarvan werden duidelijk in de bewe-ging rond de WTO-top in Seattle, maar ook bij de protestbewegingen in Venezuela en Ecuador. Dergelijke bewegingen verzetten zich tegen de effecten van het kapitalisme, zonder duidelijkheid over een alternatief. Die onduidelijkheid wordt ook in de hand gewerkt door het politieke vacuüm, wat tot gevolg heeft dat bvb in Ecuador de indianenbeweging kon misbruikt worden voor een militaire coup.

Een ander gevolg van het verzet tegen het systeem, zonder duidelijk alter–natief, is de groei van extreem-rechts in Europa. Partijen als de FPÖ in Oostenrijk en het Vlaams Blok spelen in op een anti-establishment gevoel en halen enorme scores bij ver–kiezingen. Hun probleem is echter dat ze dit niet kunnen omzetten in een actieve basis wat maakt dat ze niet tot de uitvoering van een klassiek fascistisch programma kunnen over-gaan. De groei van extreem-rechts gebeurt eigenlijk al ‘slapend’ (zo kan het Blok niet fundamenteel meer mobiliseren als pakweg 30 jaar gele-den). De regeringsdeelname van de FPO in Oostenrijk maakt niet dat dit land fascistisch wordt maar is wel erg gevaarlijk. De traditionele partijen die verantwoordelijk zijn voor het huidig be-leid bieden geen antwoord op de proble-men die aan de basis liggen van de groei van extreem-rechts, integen–deel. Wat nu nodig is, is een links alternatief. Bij gebrek aan een sterke arbeiderspartij spelen kleine linkse partijen een grote rol in de Oosten–rijkse protestbeweging. De Sozialist–ische Linkspartei (zusterpartij van Militant Links), speelt bvb. een cruciale rol in het verzet.

Dit toont aan wat mogelijk is met een minimum aan organisatie, maar ook wat zou mogelijk zijn moest een dergelijke tussenkomst georganiseerd worden door een arbeiderspartij met een massa-basis. Om de Oosten–rijkse beweging nu vooruit te helpen is het belangrijk dat het protest van de jongeren uitgebreid wordt. Daartoe is de oproep ge–lanceerd van een waarschuw–ingsstaking. De SLP is hier–rond aan het werken en brengt net zoals Militant Links in België de noodzaak van een politiek initiatief, links van de sociaal-democratie en de groenen, naar voor.

Geert Cool 1