Het is nu officieel : het IMF verwacht een wereldwijde recessie. Voor België zou de groei nog 1,5% bedragen, een procent lager dan het uitgangspunt van de begroting. Dat betekent saneren, tenminste indien de regering vasthoudt aan de vooropgestelde begrotingsdoelstellingen. Intussen regent het ontslagen bij Sabena, VW, Agfa, Alcatel, Gevaco Textiles, City Bird, Ericsson, Opel, Versatel etc...Zelfs het IMF ziet de werkloosheid in ons land dit en volgend jaar stijgen.
De studie van het IMF dateert echter nog van voor de aanslagen op 11 september. Zelfs toen al bedroeg de groeiprognose voor de wereldeconomie slechts 2,6%, het laagste peil sinds '93. De werkelijke groei zal kleiner zijn dan 2,5%, de drempel waaronder het IMF spreekt van een wereldwijde recessie omdat de groei dan onder de gemiddelde bevolkingsgroei komt te liggen. Voor de VS voorspelde het IMF - nog steeds voor de aanslagen - een groei van 1,3% (tegenover 5% in 2000), voor Duitsland 0,8% en voor Japan een negatieve 'groei' van 0,5%. De Zuid-Oost Aziatische landen zien hun groei terugvallen van 8% in '99 en '00 naar 1% dit jaar.
De impact van deze cijfers is niet gering. Het in mei op 275 miljard $ begrootte overschot voor de VS zal krimpen naar hoogstens 120 miljard, de begroting loopt er tot 30 september. Voor de begroting 2002, die ingaat op 1 oktober 2001, wordt zelfs rekening gehouden met een begrotingstekort, het eerste sinds '98. Zolang duurt het vooraleer een recessie de kaartenhuisjes over het nieuwe economische paradigma - een kapitalisme dat vrij is van crisis - in elkaar doet stuiken.
Wat begrotingsminister Vande Lanotte (SP) ook mocht beweren, België is wel degelijk geraakt door de wereldwijde recessie. Dat was het trouwens ook al voor de aanslagen van 11 september. Het IMF had haar groeiprognoses voor België eerder al naar beneden herzien tot 1,7% voor 2001. Na 11 september hadden enkele banken een maximale groei van 1,5% voorspeld. Dat wordt nu ook schoorvoetend toegegeven door de nieuwe gouverneur van de Nationale Bank, Guy Quaden. Vande Lanotte begint te zweten
Voor het BNP betekent die groeivertraging een inkomstenverlies van 100 miljard fr. op jaarbasis, voor de begroting een verlies van 46 miljard fr. aan fiscale inkomsten en een flinke sociale meeruitgave wegens de stijgende werkloosheid. Dat moet op één of andere manier gecompenseerd worden. Hoe de regering dat zal aanpakken, moeten we nog vernemen uit premier Verhofstadts State of the Union, gepland voor 9 oktober. Verhofstadt lichtte wel al een tipje van de sluier: hij denkt eraan stukken van de ziekteverzekering te privatiseren, o.a. tandheelkunde en kinesitherapie. Van onze ziekteverzekering blijft steeds minder overeind. Binnen de regering zorgt dat voorstel voor spanningen. Feitelijk teerde de regering Verhofstadt tot nog toe op de financiële ademruimte door de uitzonderlijke economische groei van de voorbije jaren. Structurele hervormingen werden afgekocht met tijdelijke en minimale toegevingen. Zo kregen de leraars een loonsverhoging in ruil voor een gedifferentieerde beloning. Voor de vakbondsleiders was deze politiek van geven en nemen best aanvaardbaar. Het volstond om de basis in de pas te doen lopen en tegelijk goeie maatjes te blijven met de regering. Die politiek loopt nu op haar laatste benen. Het echte sloopwerk gaat nu beginnen. Benieuwd hoelang de regering dat kan volhouden?