| Sabena: |
In 1996 werd bij Forges de Clabecq duidelijk dat de patroons (Dessy, Boël) Clabecq lieten vallen en de verantwoordelijkheid afschoven op de Waalse regering die de onderneming liet doodbloeden. In het Frans is er een spreekwoord dat zegt: "Qui va porter le chapeau?" ("Wie zal de hoed dragen" waarmee bedoeld wordt: "Wie zal de verantwoordelijkheid dragen?"). De vakbondsmilitanten in Clabecq maakten in hun strijd een grote hoed die ze meebrachten naar de personeelsvergadering met de bijhorende vraag: "Wie zal de hoed dragen van de verantwoordelijkheid voor het faillissement?".
Vandaag zien we een zelfde scenario ontwikkelen bij Sabena. Zoals vele andere sectoren kent de luchtvaart een overcapaciteit en zorgt de economische crisis voor moeilijkheden. In de VS moeten bijvoorbeeld 100.000 jobs verdwijnen in de luchtvaartsector en bij British Airways 7.000. Dat was de situatie voor 11 september, de aanslagen in de VS hebben de crisis nog versneld.
De crisis bij Sabena heeft een speciaal kenmerk, het speelt zich namelijk af in het kader van de privatisering van een overheidsbedrijf. De regering zet overheidsbedrijven te koop, vooral de meest rendabele onderdelen, met als excuus dat zo de staatschuld kan afgebouwd worden. Dat liet Swissair toe om Sabena te gebruiken als paard van Troie binnen de Europese Unie: Swissair kon gebruik maken van de open grenzen in de EU en moest daar geen tegenprestatie voor leveren.
De piloten van Beca wijzen terecht op de onduidelijkheid van de verschillende operaties van Swissair. Zo blijft het verslag van de administratieve raad over de aankoop van Aribus-toestellen topgeheim. Zoals voorzien zal Sabena een aantal schulden moeten afbetalen aan Swissair voor het einde van 2001, waardoor een belangrijk deel van het geïnvesteerde kapitaal terugkeert naar z'n bron.
Er is dus een samenloop van omstandigheden: overcapaciteit in de sector, een regering die alle overheidsbedrijven wil verkopen (en daartoe zelfs een minister van privatiseringen heeft: Rik Daems), een Zwitsers bedrijf die van de solden gebruikt maken om zaken te doen,…
Van bij het begin heeft de organisatie van kabinepersoneel (BeCa) zich onderscheiden door haar initiatieven en strijdbaarheid, zelfs al is er een zeker corporatistisch element aanwezig. Beca heeft geprobeerd om de economische informatie van de directie uit te pluizen en is verschillende keren tot actie overgegaan. Dit staat in een schril contrast met de traditionele vakbonden die nochtans een grotere mobilisatiekracht hebben. De ACOD-secretaris Freddy Tack moet toegeven dat hij, ondanks de zwakke vertegenwoordiging van zijn vakbond bij Sabena, de afgelopen 17 jaar een tiental herstructureringsplannen heeft moeten onderhandelen. Is het de rol van de vakbonden om telkens opnieuw herstructureringen goed te keuren met als bijlage bij de besparingen een beperkt sociaal plan?
Christoph Müller heeft handig ingespeeld op de tegenstellingen tussen de traditionele vakbonden en Beca om die laatste uit de onderhandelingen te weren en om de provocaties op te drijven tegenover de arbeiders. Op vraag van het bedrijf werd voor het eerst een dwangsom opgelegd tegen een stakingsactie. Niet omdat er een stakingspiket werd gezet, maar wel omwille van de staking op zich! Dit is een bijzonder zware provocatie die het stakingsrecht volledig ondermijnt. De dwangsommen werden opgelegd omdat de acties "de goede werking van het bedrijf ondermijnen". Dat is toch net de bedoeling van een staking! De uitspraak bij Sabena moet van antwoord gediend worden, zoniet zal het als precedent gebruikt worden om iedere stakingsactie te breken.
Op dit ogenblik is het duidelijk dat er bij Sabena 1400 jobs moeten verdwijnen (zowel "vrijwillige" ontslagen als naakte ontslagen), er een vermindering komt van het aantal vakantiedagen, filialen verkocht worden (catering, Sobelair,…) en dat er geen enkele garantie is dat hetbedrijf zal overleven. En uiteraard zullen de regering, de directie en de media uitvoerig uitleggen dat dit allemaal de fout is van de werknemers van Sabena.
Guy Van Sinoy