Na de dioxine- en de BSE-crisis teistert het mond- en klauwzeer de Europese landbouw. Geen mens die nog gelooft dat deze ziekte toeval is. Integendeel zelfs. Het is het logische gevolg van de gevoerde - kapitalis-tische - landbouwpolitiek, gedomineerd door grote concerns, gericht op winstbejag, waaraan dierenwelzijn en volksgezondheid ondergeschikt zijn.
Een analyse door Koen Van Brabandt
Mond- en klauwzeer is de zoveelste ziekte die de veestapel treft. Alhoewel de ziekte zo goed als onschadelijk is voor de mens worden drastische maatregelen genomen. Economische motieven liggen aan de basis hiervan. Kijken we maar naar Groot-Brittannië, waar zelfs het leger ingezet wordt om verspreiding tegen te gaan, wat zeer moeilijk lukt. De Britse regering grijpt niet in omdat ze bezorgd is voor het welzijn van de dieren maar omdat slechts één geval van mond- en klauwzeer genoeg is om de volledige export van dieren stil te leggen.
Wie dat gevoerde landbouwbeleid en de verschillende hervormingen van nader bekijkt, ziet duidelijk dat het beleid afgestemd is op winstmaximalisatie van de agro-industrie. Waar geld te verdienen is, duiken uiteraard louche figuren op, zoals de hormonenmaffia. In de Europese landbouw gaat het immers om veel geld. Het zogenaamde gemeenschappelijke (Europese) landbouwbeleid neemt bijna de helft van de Europese begroting in, ongeveer 40 miljard Euro (1600 miljard bf). Geen wonder dus dat grote bedrijven aan deze vetpotten willen zitten. Europa betaalt een gewaarborgde minimumprijs voor landbouw-producten. Een prijsdaling wordt dus bijgepast door Europa. Zoals ze ook bij de vorige voedselcrisis zagen, krijgt de agro-industrie dan ook nog eens ettelijke miljarden als compensatie. Deze compensaties komen maar voor slechts een klein deel terecht bij de kleine boeren die steeds meer uit de hele landbouwsector gewerkt worden.
Eigenlijk zijn deze compensaties schandalig. De grote concerns zijn oorzaak van de problemen door de manier waarop ze met de landbouw omspringen en ze worden er dan nog voor gecompenseerd ook. Door de jaren heen werd grootschaligheid , door hervormingen, in de hand gewerkt. Hoe groter, hoe meer winst. Dit alles had echter nefaste gevolgen voor mens en dier.
Hormonen, anti-biotica en pesticiden worden op grote schaal gebruikt om dieren zo snel mogelijk vet te mesten of «gebruiksklaar» te maken. Door het opeenpakken van dieren in erbarmelijke omstandigheden hebben deze dieren steeds meer antibiotica nodig. Dergelijke omstandigheden zijn immers broeihaarden voor allerlei virussen en ziektes. Dierenwelzijn speelt op geen enkel moment mee. Koeien, varkens en kippen zijn economische produkten, meer niet.
Een ander voorbeeld zijn de lange afstandstransporten, waarbij dieren uren of dagen in vrachtwagens zitten. Het meest frappante voorbeeld van de drang naar winst is echter zonder twijfel het feit dat het afval van dode dieren gebruikt werd als veevoeder. Logica daarachter: niets mag verloren gaan. Dit was de oorzaak voor de verspreiding van BSE.
Alle Europese regeringen hebben dit beleid niet enkel getolereerd, maar zelf mee uitgestippeld en dragen dus schuld aan de crisis.
Ook de mens lijdt onder deze situatie: ziekte van Creutzfeld-Jacob, dioxinevergiftigingen, maar ook nitraatvervuiling (door mest) die ons drinkwater aantast. Geen wonder dat men alle vertrouwen in de voedselindustrie verloren heeft. Ook voor de kleine boeren zijn de gevolgen nefast. 80% van de Europese subsidies komt bij de 20% grootste bedrijven terecht. Kleine boeren worden weggedreven of opgeslokt door de agro-industrie. Een recente studie toont aan dat meer dan een vijfde van de huishoudens in deze sector in België minder dan het minimuminkomen verdient. Het aantal boeren dat psychologische bijstand vraagt, is de afgelopen periode sterk gestegen.
«Onze» Belgische ministers Dua (Vlaams minister voor landbouw) en Gabriëls (federaal minister) zijn niet in staat om iets positief te doen. De flater waarbij de dieren in het bedrijf in Klemskerke onnodig opgeruimd werden, toont dit aan. En dat met een bevoegde groene minister! Het is duidelijk dat Agalev niet in staat is om oplossingen uit te werken voor volksgezondheid, milieuproblemen,... Wie echt voor een goed milieubeleid ijvert, moet niet bij Agalev zijn. Naast de ministers is er nog een andere belangrijke speler op het terrein, met name de Boerenbond, volgens Humo de belangrijkste belangenorganisatie in België. De Boerenbond verdedigt de belangen van de agro-industrie, dus eigenlijk van zichzelf. Jarenlang werden boeren aangezet om uit te breiden. Hoe ? Door een lening aan te gaan bij de bank CERA van de Boerenbond; door zich te verzekeren bij de Boerenbond (ABB) en uiteraard ook door bij hen veevoeder aan te kopen (AVEVE). Van controle en macht gesproken! De fusie tussen de banken Cera en Kredietbank (nu KBC) heeft de Boerenbond 60 miljard opgeleverd. Simpel gezegd: in deze situatie werd de boerenbond rijker, de kleine boer slechts armer.
Ondertussen heeft de BSE- en MKZ-crisis Europa al tientallen miljarden
schade doen lijden. En wie draait daarvoor op? Wij. Onze gezondheid naar
de knoppen en we zullen er nog voor moeten betalen ook. De agro-industrie
moet immers gecompenseerd worden. Het is tijd voor een grote schoonmaak
in de Belgische en Europese landbouwpolitiek. Dit kan echter niet wanneer
winst centraal blijft staan en mens en dierenwelzijn genegeerd worden.