vrijdag 31 augustus 2007

PS wil met "sociaal" pact in Wallonië weg naar federale regering voorbereiden

De PS heeft zich tijdens de regeringsvorming nog niet in een oppositierol geplaatst. De marge voor de partij is beperkt: er wordt nog altijd gehoopt op een eventuele regeringsdeelname na een politieke crisis. Daarnaast zit de PS in de regionale regering en wil het van daaruit bewijzen dat het in staat is om een neoliberaal beleid te voeren. Dat moet een nationale regeringsdeelname makkelijker maken.

Op 10 juni heeft de sociaal-democratie in dit land klappen gekregen. Maar de SP.a en zeker de PS zijn niet uitgeteld. Beide partijen zitten op regionaal vlak nog in de regeringen en gaan van daaruit gewoon verder met het beleid van de afgelopen jaren. De PS lijkt er nu alles aan te doen om haar imago bij te schaven. De partij brengt zich naar voor als een trouwe verdediger van een neoliberaal beleid. Het speelde al langer die rol, maar nu wordt het nog even sterker in de verf gezet.

De laatste poging kwam van de Waalse minister-president Rudy Demotte die woensdag een “sociaal pact” voor Wallonië voorstelde. Dat pact moet de sociale vrede bewerkstelligen. Daartoe wil Demotte afspraken maken met de vakbonden, het patronaat en regeringsverantwoordleijken.

Demotte stelde onder meer voor dat er een minimumtermijn komt “vooraleer acties als een staking worden ondernomen”. Dat voorstel werd door Ryanair met de nodige chantage naar voor gebracht op de luchthaven van Charleroi. De Waalse regering van PS en CDH stemde niet alleen in met dat voorstel, nu wil de regering het ook uitbreiden. Wellicht is het geen toeval dat de voorgestelde procedure als twee druppels lijkt op wat de nieuwe Franse regering heeft voorgesteld om stakingen te regelen.

“Het principe van een wilde staking is een type van actie dat geweerd moet worden in een gewest dat zich toelegt op zijn economisch herstel”, aldus Demotte die iets wil doen aan het “stakersimago” van Wallonië. Nochtans is staken een recht dat niet via regels en wetten is georganiseerd om de mogelijkheden van collectieve acties niet te beperken.

Met dit soort voorstellen plaatst Demotte zich op dezelfde politieke koers als de liberalen die onder meer een minimumdienst willen bij stakingen van het openbaar vervoer. De PS geeft een signaal dat ze bereid is om deel uit te maken van een (tripartite) regering waarin een staatshervorming niet ver moet gaan: de door het patronaat gevraagde sociaal-economische “hervormingen” (lees: aanvallen) zullen evengoed langs Franstalige zijde worden doorgevoerd onder toeziend oog van de PS. Als het nu niet lukt om in de regering te komen, dan kan het mogelijk na de vervroegde verkiezingen van 2009.

De arbeiders en hun gezinnen weten waar ze staan. Tegenover de aanvallen die gepland worden door de rooms-blauwe partijen kunnen ze geen beroep doen op een verzet van de zogenaamd rode partijen. Die staan vooral te popelen om zichzelf te bewijzen als potentiële regeringspartners die eenzelfde neoliberale beleid doorvoeren.