Het non-profit -offensief op volle toeren 

Sinds november komt de non-profit regelmatig op straat (zie vorige nrs van De Militant) maar waarom gaan de akties verder als volgens de burgerlijke pers "al veel afgedwongen" is? Lijden de verpleegkundigen , opvoeders, ... aan chronische stakingitis?

 

Voor een buitenstaander lijkt de non-profit een onontwarbaar kluwen, voor de mensen van de sektor zelf is het een opeenhoping van frustraties. De struktuur van de non-profit is zeer ingewikkeld en hier maken de politici gretig gebruik van om de st akers met hun eisen wandelen te sturen. Daarom een kleine toelichting.

Daar Belgie een federaal land is stelt zich ten eerste de vraag: wie is er bevoegd voor wat? Sommige sektoren zoals de ziekenhuizen en de verzorgingstehuizen hangen af van de federale regering, anderen hangen af van de gemeenschapsregering (het op voedingswerk, welzijnswerk en de socio-kulturele sektor).

Deze verdeling is ongeveer gelijk: 45 % van de non-profitwerkers werken in sektoren die afhankelijk zijn van de gemeenschappen tegen 55 % in de federale sektoren. Alleen dit feit al maakt het enorm moeilijk om een eengemaakte beweging op poten te zetten.

De laatste jaren zijn er bewegingen geweest van bepaalde sektoren die apart de straat op gingen (de witte woede -de specifieke benaming van de beweging van het ziekenhuispersoneel en de langdurige staking van de opvoeders enkele jaren terug). Dit is echter geschiedenis, nu komt de non- profit voor het eerst in zijn geheel in beweging wat duidelijk al zijn vruchten heeft afgeworpen maar niet zo evident is.

De respektievelijke regeringen hebben een hele batterij aan tegenstellingen die ze kunnen gebruiken om de stakingsbeweging te verdelen: de publieke sektor versus privé, de bevoegdheden over de sektoren, het (virtueel) onderscheid tussen a rbeiders en bedienden, het grote aantal verschillende vakbondscentrales die in de beweging betrokken zijn ...

Echter de reeds bereikte resultaten versterken de beweging in haar eenheid. Eind januari deed de federale regering het voorstel om 23.000 nieuwe jobs op 2 jaar tijd te scheppen. Wat er echter vergeten wordt, is het feit dat 8900 van deze "bijkomend e" jobs reeds vooraf beloofd waren, wat het nettostakingsresultaat dus brengt op 14.100 extra banen.

23.000 nieuwe banen volstaan echter niet om de werkdruk tot een aanvaardbaar niveau te herleiden . Hiervoor zijn tenminste 39.881 extra jobs nodig (zie: De Milant nr 170). Een andere kritiek van vakbondswege is de manier waarop de regering deze jobs wil kreëren: de sociale Maribel (lastenverlaging) houdt gevaren in (zie: De Militant 172).

Ondertussen heeft de Vlaamse regering van haar kant 4000 jobs beloofd, de Waalse regering zwijgt echter als vermoord. Het miezerig aanbod van de Vlaamse regering verandert niets fundamenteels aan de werkdruk omdat ze vooral meer geld uittrekt voor nieuwe initiatieven in de welzijnszorg.

Het feit dat er toch maar relatief minimale aktie (5 nationale stakingsdagen verspreid over een periode van evenveel maanden) nodig was om snelle toegevingen (27.000 bijkomende jobs) af te dwingen versterkt het vertrouwen van de beweging dat er doo r harde aktie, namelijk een langdurige staking, veel meer te rapen valt.

Een andere faktor die een rol speelt, is dat de meest bewuste stakers de klinkende overwinning van de cipiers in hun achterhoofd hebben (de invoering van de 36-urenweek zonder loonverlies).

 

In het begin van de beweging speelde vooral de extra banen een grote rol in de mobilisatie. Nu verschuift echter het accent naar de meer inhoudelijke eisen (wat normaal is in een langdurige beweging) zoals de 35-urenweek zonder loonverlies, de eis voor syndikale vertegenwoordiging in kleine instellingen, de opheffing van de statutaire verschillen tussen bedienden en arbeiders (o.a. de afschaffing van de carensdag, dit is het niet uitbetalen van de eerste dag ziekte dat enkel bij arbeiders van toepassing is) , omzetting van de nepstatuten, recht op vorming, enz.

Langzaamaan wordt de sfeer op de nationale stakingsdagen grimmiger en klinkt de roep om een langdurige staking steeds luider. De sfeer op de aktiedag van 13 maart in Gent is hier een goede illustratie van: de bezetting van het Gravensteen, een verk eersblokkade aan het Sint-Annaplein en een groep LBC-militanten die in de clinch gingen met hun secretaris omdat ze de tramlijnen blokkeerden.

Op 26 maart gaat er een nieuwe aktiedag door en vanaf 30 maart is er een staking van een volledige week gepland die eventueel zal verlengd worden. DIT IS NOG MAAR EEN BEGIN, WIJ GAAN DOOR MET DE STRIJD!

De Militant
1