Er werd feest gevierd in Nigeria toen de dood van de gehate diktator Abacha werd aangekondigd. Eventjes laaide de hoop op dat het einde van de militaire diktatuur in zicht was.
Zijn dood kwam voor de andere militaire machthebbers en voor de westerse imperialisten niet totaal ongelegen. Abacha had aangekondigd dat hij opnieuw "kandidaat" was in de presidentsverkiezingen. Het protest laaide op: het was voor iedereen duidelijk dat ondanks verkiezingen alles gewoon bij het oude zou blijven. Zolang Abacha de westerse belangen verdedigde en de stabiliteit bewaarde, kreeg hij de volle steun van het imperialisme. Zijn herverkiezing zou juist die stabiliteit in gevaar hebben gebracht.
De hoop verdween al snel toen bleek dat generaal Abubokar, die nauwe banden heeft met de VS-militairen, Abacha zou opvolgen. De - zeer beperkte - hervormingen die Abudakar doorvoerde zijn maar schijn om de wittebroodsweken te verzachten. Door de hervormingen hoopte Abubakar dat Abiola de eis voor erkenning als president zou laten varen. Toen bleek dat Abiola hierop niet wou ingaan, was het ook een meevaller voor de militairen toen Abiola plotseling stierf.
Alhoewel Abiola "officieel" een natuurlijke dood stierf, kan niet ontkend worden dat de diktatuur verantwoordelijk is (rechtstreeks of onrechtstreeks) voor zijn dood. De hypokrisie van de militairen was te voorspellen: Abubakar verklaarde op TV dat hij rouwde om het verlies van Abiola, iemand die ze al vijf jaar in de gevangenis opgesloten lieten!
De etnische verdeeldheid (Nigeria telt meer dan 250 verschillende etnische groepen!) is er na de machtswissel niet op verbeterd. Abiola was afkomstig uit het zuid-westen waar vooral Yoruba's leven, terwijl de machthebbers meestal Hausa-Fulani uit het noorden zijn. Veel Yoruba's gaan ervan uit dat Abiola vermoord werd omdat de noordelijke elite de kontrole over de staat niet wil opgeven. Het heeft het gevoel bij Yoruba's versterkt dat ze zich dan ook beter kunnen afscheiden. Dit toont aan dat protesten op een reaktionaire manier gekanaliseerd kunnen worden.
De ontwikkelingen sindsdien maakten duidelijk dat de militairen hun greep op de omvorming van Nigeria tot een burgerlijke staat willen behouden. De aanvankelijke datum voor de "machtsoverdracht" aan een burgerlijk regime van 1 oktober is ondertussen uitgesteld tot 31 mei '99.
In de vorige 11 jaar hebben de militairen zes verschillende data voor een machtsoverdracht aan een burgerlijk regime vastgelegd. De vorige vijf werden uitgesteld en uiteindelijk afgeschaft. Stellen dat het onder Abubakar anders zal zijn, is niet vanzelfsprekend daar hij reeds onder de vorige diktators Babangida en Abacha belangrijke posities innam.
De belofte om politieke partijen toe te laten, is ook niets nieuws. In de vorige periodes werden verschillende partijen niet toegelaten tot de verkiezingen omdat ze zich niet mochten laten registreren. Men kan dus sterke twijfels hebben of mei '99 zoveel zal veranderen.
Door het verbod op het Nigeriaanse Labour Congress op te heffen, zal een duidelijk onderscheid gemaakt kunnen worden tussen de vakbonden die willen samenwerken met het regime en de meer geradikaliseerde arbeidersbewegingen. Hetzelfde geldt voor de politieke partijen. De zogenaamde pro-demokratische partijen zijn voor een regering van nationale eenheid.
"Socialisten verzetten zich principieel tegen het idee van een regering van nationale eenheid omdat het de illusie versterkt dat er een echte, voor beiden voordelige alliantie kan aangegaan worden tussen kapitalistische uitbuiters en hun slachtoffers: de arbeidersklasse. Socialisten zijn van mening dat een dergelijke regering alles zal doen om de verarmde massa's te verhinderen strijd te voeren voor een verbetering van hun lot met als argument dat de regering een regering is die gebaseerd is op de eenheid van alle klassen!", schrijft Socialist Democracy, het blad van de Democratic Socialist Movement, onze zusterorganisatie in Nigeria.
De exakte uitkomst van de hervormingen van Abubakar is moeilijk te voorspellen maar het is niet uitgesloten dat een burgerlijk regime tijdelijk getolereerd wordt maar dat de sociale krisis (bijvoorbeeld wanneer de olieprijs blijft dalen) opnieuw tot een militaire tussenkomst leidt.
DSM kreeg bij de publieke lancering van de organisatie de steun van enkele journalisten, mensenrechtenorganisaties, de National Conscience Party en verschillende jongeren- en studentenorganisaties. De publieke lancering van DSM vloeit voort uit de noodzaak om een demokratisch socialistisch alternatief uit te bouwen op een duidelijk georganiseerde manier.
Militant Links heeft in het verleden reeds aandacht besteed aan de situatie in Nigeria (o.a. met de anti-Shell-kampanjes). Internationale solidariteit blijft noodzakelijk voor de opbouw van een socialistische organisatie, niet enkel in Nigeria maar over de hele wereld.