Oost-Timor eindelijk bevrijd?
Na 24 jaar bloedige bezetting door Indonesië hebben de Oost-Timorezen massaal gekozen voor onafhankelijkheid. De pro-Indonesische milities hebben sinds het referendum echter tienduizend mensen gedood, vaak met actieve steun van het leger. Is Oost-Timor eindelijk bevrijd of zal het regime in Jakarta (hoofdstad van Indonesië) het gebied blijven bezetten? En wat moeten we verwachten van de VN-troepen?
Begin september trok de Oost-Timorese bevolking massaal naar de stembus om er te kiezen voor onafhankelijkheid. 78% van de kiezers stemde voor volledige onafhankelijkheid ondanks de bloederige intimidatie door het Indonesische leger en vooral de milities. Mensen kampeerden voor de stembureaus, wandelden uren om te gaan stemmen en vierden feest in de blakende zon nadat ze gestemd hadden.
Na het referendum moesten tienduizenden mensen vluchten voor de schietende, moordende en plunderende bendes. De milities konden ongestoord mensen afslachten... het Indonesische leger liet begaan. De leider van de grootste militie vloog begin september naar Jakarta om er te overleggen met hoge officieren uit het leger, zoniet met de top van de regering zelf.
Ondertussen verwachten wij niet dat de Oost-Timorezen zich gewillig laten afslachten. Een gewapende verdedigingsmacht, gecontroleerd en aangevoerd door vertegenwoordigers van arbeiders, arme boeren en studenten zou de bevolking kunnen beschermen en de milities verdrijven. Het CWI steunt de eis van de Oost-Timorezen voor onafhankelijkheid en zelfbeschikkingsrecht volledig. Onmiddellijke terugtrekking van alle Indonesische troepen en de ontwapening en uitschakeling van alle milities is dan ook een eerste maar niet onbelangrijke stap.
Ondertussen is het gros van de VN-troepen (in totaal zo'n 7.000 à 8.000, waarvan 4.500 Australiërs) geland in Oost-Timor. In verschillende steden ontstond er protest tegen de buitenlandse interventie en een aantal organisaties ronselen mensen om te vechten tegen de VN-troepen. Ondertussen is ook al duidelijk dat de VN-interventie er een van lange adem zal zijn - men spreekt nu al van vijf jaar.
Militant Links is tegen een interventie van VN-troepen. De VN komt niet tussen omdat ze de Oost-Timorezen wil helpen, maar om de situatie in Indonesië en de omringende landen te stabiliseren. De grote kapitalistische landen willen ten allen prijze vermijden dat gans Zuid-Oost-Azië in rep en roer zou staan.
Bovendien is de balans van de gewapende VN-interventies van de laatste jaren enorm negatief (Rwanda, Bosnië, Somalië) Aanvankelijk verklaarde de VN dat het leger van Indonesië moest instaan voor de verdediging van de Oost-Timorezen. Naast een volledig negeren van de situatie ter plaatse betekent dit evenveel als de vos te vragen op het kippenhok te letten.
Indonesië zal zich niet kunnen permitteren uit de bocht te gaan. De Indonesische economie is sterk afhankelijk van leningen van het IMF. Dit IMF wordt gecontroleerd door de kapitalistische grootmachten. Vergeet niet dat de economische crisis in Azië zeer recent is toegeslagen en dat Indonesië één van de belangrijkste en zwaarst getroffen economieën uit de regio is.
In de burgerlijke pers «vergeet» men trouwens ook te vermelden dat de dictator Soeharto, die in '65 de macht greep, dit kon doen met de goedkeuring en steun van de VS, Groot-Brittannië en Australië omdat er in de regio een anti-communistisch bolwerk nodig was. Het was onder Soeharto dat Oost-Timor in '75 geannexeerd werd. Dit gebeurde op een uiterst repressieve manier. Sinds '75 stierven 200.000 Oost-Timorezen door de wrede onderdrukking.
Bovendien hebben de imperialistische grootmachten jarenlang wapens geleverd aan het regime. Eind september besliste de Britse regering nog om Indonesië een aantal gevechtsvliegtuigen te verkopen.
Soeharto werd vorig jaar verdreven na massale protesten en opstanden. Onder Habibie, de nieuwe president, is er echter weinig veranderd en Habibie kan niets ondernemen zonder steun van het leger. En dat leger was alleszins niet van plan Oost-Timor zomaar op te geven. Een van de generaals verklaarde: «if they win by the ballot, we will win by the bullet» (als zij winnen in het stemhokje, zullen wij met de kogel winnen).
Een volledige terugtrekking van het Indonesische leger lijkt toch het meest waarschijnlijke scenario. Bepaalde regio's in Indonesië waar het er de afgelopen maanden ook woelig aan toe gaat, zullen hieruit sterkte putten.
Xanana Gusmao, de belangrijkste vertegenwoordiger van de onafhankelijkheidsbeweging CNRT, is akkoord met een langdurige VN-interventie. Gusmao werd pas onlangs vrijgelaten uit een Indonesische gevangenis. Hij is waarschijnlijk één van de weinige personen die door de bevolking aanvaard zal worden als leider van een Oost-Timorese regering die eerst in ballingschap zou opgericht worden. Hij wordt echter van dichtbij gevolgd door westerse regeringen en zakenlui. Belangrijke petroleumbedrijven willen de olie in Oost-Timor immers ontginnen.
Reeds nu al zijn er signalen dat Gusmao zowel het Indonesische regime als de voornaamste kapitalistische landen te vriend wil houden. Toen hij op 7 september vrijkwam, riep Gusmao de guerillabeweging op om geen burgeroorlog te starten, terwijl duidelijk was dat er reeds een eenzijdige oorlog van de milities tegen de bevolking was begonnen. Wij verwachten dan ook dat Gusmao er niet in zal slagen de verwachtingen van de bevolking in te lossen wanneer de economie gerund zal worden op kapitalistische basis.
Momenteel zijn er gesprekken bezig tussen vertegenwoordigers van het CWI en de PST, de Timorese Socialistische Partij, om practische en politieke solidariteit te geven. Alhoewel de PST sterk betrokken is in de strijd voor onafhankelijkheid en argumenteerde voor een overgangs«coalitie»regering, stelt de partij dat ze de basis leggen voor een socialistische Oost-Timor als haar fundamenteel doel beschouwt.
Onafhankelijkheid op zich is onvoldoende om de Oost-Timorezen te bevrijden van armoede, honger en geweld. Autonomie moet daarom direct verbonden worden met een democratisch verkozen socialistische staat die vecht tegen iedere vorm van onderdrukking op basis van klasse, afkomst of religie en die bovendien de arbeiders in de omringende landen aanzet om dezelfde strijd te voeren.