DE ZWAKKE VERDEDIGING VAN DE GROENEN
Toen ik op 24 november '91 besloot lid te worden van Agalev besefte ik dat er een politiek alternatief op het Vlaams Blok nodig was. «Anders gaan leven» betekende voor mij de strijd aangaan tegen een systeem waarin een economische en politieke elite haar voordeel haalt uit uitbuiting, uitsluiting, racisme, milieuverloedering en militaire agressie.
Agalev kwam op voor arbeidsduurvermindering, meer democratie, stemrecht voor migranten, minder afval, tegen afvalverbranding, tegen imperialistische uitbuiting en inmenging in de Derde Wereld. Maar na enkele jaren lidmaatschap werd het mij duidelijk dat Agalev steeds meer degenereerde tot een traditionele partij die zo vlug mogelijk wil meesnoepen van de vetpotten van de macht.
Systematisch werden principes overboord gegooid. Toen in '85 de nationalisering van de banken nog in hun programma stond, was er duidelijk nog een invloed vanuit «eco-marxistische hoek». Maar nooit hebben de groenen kunnen kiezen aan welke kant ze staan op de breuklijn arbeid-kapitaal. Zij overstegen naar eigen zeggen die breuklijn omdat een vervuiler een vervuiler is, ongeacht het nu een gezin is of een bedrijf.
De meeste linksen verlieten dan ook de partij, zeker nadat een aantal basisdemocratische mechanismen zoals de rotatie werden afgeschaft. Het was te verwachten dat een dergelijke kleinburgerlijke opportunistische stroming ooit wel door de burgerij zou gevraagd worden om de regering te depanneren.
Omdat veel progressieven en jongeren nog een zekere illusie koesterden in Agalev werd ik door de Aktief Linkse Studenten in Gent en Leuven gevraagd om in debat te treden met respectievelijk Isabel Vertriest en Jos Gysels. Hun verdediging was ronduit zwak. Fundamentele kritieken op het kapitalisme werden door Vertriest gewoon afgedaan als "een extreem-linkse ideologie", argumenten waren blijkbaar overbodig. Zij was ontgoocheld in het socialisme in Nicaragua en koos dan maar voor de ecologisering van het kapitalisme. Hoe naïviteit en opportunisme elkaar een handje kunnen helpen.
Jos Gysels probeerde een aanval op Marx door de nationalisering van de kerncentrales te hekelen. De grootste kritikasters van het marxisme hebben er nog het minst van begrepen. Want marxisten weten dat nationalisering van problematische sectoren soms een strategie is van de burgerij om hun winsten veilig te stellen. Dit heeft uiteraard niets met socialisme te maken. Een collectivisering daarentegen van alle sleutelsectoren, onder arbeiderscontrole, laat de gemeenschap wel toe om de nodige innovatie van verouderde industrieën te realiseren en bijvoorbeeld te investeren in propere energie. In het kapitalisme wordt smerige technologie benut tot de investering is afgeschreven en de kosten beginnen op te lopen. Op propere technologie neemt het kapitaal een patent om het in de kiem te smoren in geval het hun winsten zou bedreigen.
Over het uitblijven van stemrecht voor migranten geven de groenen hun nederlaag toe, maar ze beloven de zaak wel nog verdere lippendienst te bewijzen. Ondertussen hebben ze de uitwijzing van de mensen zonder papieren uit een impasse geholpen, het zakenvliegtuigje naar Slovakije zat goed vol. De achterban wordt gesust met een éénmalige regularisering. De ene zijn regularisering wordt afgekocht met de anderen hun uitwijzing. Volgens de groenen een politiek succes, volgens ons de wortel die de ezel in de kar doet lopen.
Over de stap opzij van Olivier Deleuze in het dossier van de nucleaire leveringen aan Pakistan stelde Gysels dat bevoegdheden eigenlijk niet zo van belang zijn. Dit terwijl de PRL nu toch wel vrij spel krijgt in dit en in toekomstige dossiers. Verder kwam ook de bekrompen visie van Agalev op nieuwe politieke cultuur tot uiting. Volgens Gysels moet er een strikte scheiding zijn tussen de partij en de beweging. Hij vindt het schandalig dat een vakbondsman zou minister worden. En wat met de marionetten van de bedrijfswereld waar de regering vol mee zit?
De scheiding tussen beweging en partij betekent ook dat politiek een zaak is van professionals. Dat er in Agalev geen plaats is voor basismilitanten in het beleid wisten we al langer. Om marionet van de burgerij te worden ben je natuurlijk best al lang vervreemd van de mensen waar het allemaal om te doen is. Militant Links zal zich blijven verzetten tegen de monopolisering van de politieke macht door een elite. Mensen moeten hun lot zelf in handen kunnen nemen, heel lang geleden dacht Agalev daar ook zo over.